Namasté,
Onlangs schreef ik op deze blog een artikel over ‘de ratrace’ die het leven voor vele mensen is en hoe pijnlijk zwaar ze de hoge druk ervaren die hen wordt opgelegd om aan de norm van “de maatschappij” te voldoen. Hoe ze zich gedwongen voelen om hierin mee te draaien, ookal zouden ze het zelf soms anders willen. En over hoe ik dat allemaal een tikkeltje anders zie, namelijk dat wíj die maatschappij zijn. Wij geven ze mee vorm en bepalen mee de norm, alleen al door eraan mee te doen. Dat we wel degelijk een keuze hebben, maar meestal beslissen om te ‘voldoen’. Dat ik dat eigenlijk een beetje jammer vind, schreef ik er toen niet bij. Maar misschien bleek dat wel uit de toon van het artikel.
Hét schoonheidsideaal

Onzekerheid troef
Blijkbaar was ik heel naïef. Brenda vertelde namelijk dat “ons” schoonheidsideaal ook op haar weegt. Ze maakt zich evenzeer zorgen of ze wel voldoet aan de normen die de maatschappij oplegt. „Ik heb totaal geen idee hoe popidolen en filmsterren eruit zien, maar ik hoor wel van vriendinnen dat ze een referentie zijn. Lang haar, slanke taille, smal gezicht … Dus ik let liever ook wat op mijn gewicht. Graag zou ik een maatje kleiner hebben.”, zegt ze daarover. Ze vindt het lastig dat ze niet weet welke schoenen ze onder welke rok kan dragen en welke kleuren wel bij elkaar passen. „Ik vind het heel jammer dat ik mezelf niet in de spiegel kan zien. Het maakt me onzeker. Hoewel ik van ziende mensen weet dat jezelf wél kunnen zien minstens zo onzeker maakt. (grinnikt) ” Onzekerheid troef dus.
Hé, je bent oké!
Het deed pijn aan mijn hart te horen dat die druk van het algemeen heersende schoonheidsideaal groter werd op het moment dat Brenda uit haar beschermde cocon van blinde vrienden en klasgenoten kwam en naar een school met ziende klasgenoten ging. „Aan de hand van beschrijvingen van modellen begon ik me een idee te vormen van wat mooi en ideaal was. Sindsdien ben ik veel meer met mijn uiterlijk bezig en maak ik me er vooral ook meer zorgen over.” Ik wou Brenda steeds zeggen: ‘Hé, je bent oké!!’ Want hoe erg is het niet dat een bepaalde norm vooral tot gevolg heeft dat mensen zich slecht gaan voelen?
Weg met de norm!
Erover praten hielp (zoals altijd) wel en eindigen deed Brenda gelukkig met voldoende relativeringsvermogen: „Af en toe vraag ik aan vrienden hoe een bepaalde persoon eruit ziet. Er volgt dan een beschrijving, die natuurlijk heel subjectief is, afhankelijk van hun referentiekader. Ik kan dus te horen krijgen dat die persoon ‘dik’ is, terwijl iemand anders dan reageert: ‘Amai, vind jij dat dik?’. Dus dan weet ik het nog niet. Al die meningen over mooi, lelijk, dik en dun zijn zo verschillend. Waarom bestaat er dan in godsnaam zoiets als een norm? Zullen we die anders hier en nu even afschaffen?” Daar kon ik het enkel mee eens zijn. Zullen we gewoon doen wat ons blij maakt, zonder ons zorgen te maken over de goedkeuring van anderen? Bij deze. Glitters en confetti!
Het hele artikel uit Samana Magazine kan je hier lezen: Schoonheid, hoe zien blinden dat?


Hé, je bent oké!